Replay: Terry Callier - What Color is Love


Van de week vroeg promotor Hans Broere aan zijn Facebookvrienden welk album men zou meenemen mocht men ooit onverhoopt een tijdje moeten brommen. Hans dacht zelf aan The Heart of Saturday Night van Tom Waits, wat natuurlijk een uitstekende keuze is. What Color is Love van Terry Callier zou zeker een goede optie voor mij zijn. Lang geleden kwam ik deze fenomenale zanger op het spoor dankzij Joop van Gool, die mij met zijn debuut The New Folk Sound of Terry Callier uit 1965 liet kennismaken. Dit album werd in één dag opgenomen, op 29 juli 1964. Deze cd sloeg in als een bom door de indrukwekkende zang. Hij zingt hier een aantal folk traditionals. Songs als 900 Miles, Johnny Be Gay If You Can Be en vooral Cotton Eyed Joe weten diep te raken. En dat ondanks de sobere begeleiding die slechts bestaat uit bas en gitaar. De kwaliteit van de opnames zijn voor die tijd opvallend goed. De bescheiden en sympathieke zanger kwam uit Chicago, waar hij in dezelfde buurt opgroeide als Curtis Mayfield en Jerry Butler. Met Butler werkte hij ook samen. Het vervolg op zijn debuut liet een behoorlijke tijd op zich wachten. Occasional Rain verscheen in 1972 en was een grote stap voorwaarts. Deze keer schreef hij alle songs zelf en hoor je het begin van het ontstaan van het unieke, muzikale universum van Callier. Een mix van folk, jazz en soul. Aan dit album werkte ook Minnie Riperton mee, die twee jaar later een wereldhit zou scoren met Lovin’ You. Callier slaagde daar nooit in, wellicht is dat de hoofdreden dat hij relatief onbekend gebleven is. Meesterwerk What Color is Love verscheen in 1973. Alleen al de opener, het 9 minuten durende epos, Dancing Girl rechtvaardigt de aankoop van deze cd. De opbouw van deze song is bijzonder fraai. Het begint met rustig akoestisch gitaarspel en betoverende zang en wordt langzaam maar zeker naar een climax toegewerkt, waarbij de machtige stem van Callier ten volle wordt benut, om vervolgens te eindigen met het rustige gitaarspel uit het intro. Strijkers spelen een hoofdrol in de titelsong. Absolute hoogtepunt vormt voor mij You Goin’ Miss Your Candyman, wat hij samen schreef met Phyllis Braxton. Stilzitten is hier onmogelijk. Het zit boordevol tempowisselingen, is dynamisch van opbouw en druipt de klasse van zijn zang af. Hierna wordt er een tandje teruggeschakeld in Just As Long We’re in Love, wat voorzien is van een hemels koortje. Een van de fraaiste songs is Ho Tsjing Mee (A Song of the Sun), wat door strijkers en blazers naar grote hoogtes worden gedreven. Ingetogen gezongen is een ander hoogtepunt, het samen met Jerry Butler geschreven, I’d Rathed Be With You. Kers op de taart is hier de mondharmonica van Cyril Touff. In de heerlijke afsluiter zingt een koor constant de tekst, die slechts bestaat uit “You Don’t Care”, maar hij komt ermee weg. Na 1979 verdween hij vervolgens heel lang van de radar en verdiende hij de kost als computerprogrammeur en haalde in de avonduren een graad in de sociologie. Dankzij zijn samenwerking met Beth Orton en Massive Attack kwam hij terug in beeld. Helaas stierf deze beminnelijke man op 27 oktober 2012 aan de gevolgen van kanker. Gelukkig liet hij een prachtig oeuvre na. Een behoorlijk aantal van zijn albums zijn tijdloos.         

      
 Theo Volk

John Mayall - Talk About That


Intussen is John Mayall, een van de steunpilaren van de Britse blues, al 83 jaar. In zijn fameuze groep The Bluesbreakers speelde latere grootheden als Eric Clapton, Jack Bruce, Peter Green, John McVie, Mick Fleetwood, Mick Taylor en Walter Trout. Live was Mayall vooral in de jaren zestig een sensatie, wat twee jaar geleden nog eens werd bevestigd met het toen uitgebrachte, fantastische album Live in 1967, waarop naast Mayall ook Peter Green, John McVie en Mick Fleetwood schitteren. En anno 2017 geeft Mayall nog steeds het volle pond tijdens optredens. Maar ook is zijn gedrevenheid weer terug te horen op Talk About That. En hij schrijft nog steeds uitstekende liedjes, dat wordt al direct duidelijk in de heerlijk funky opener Talk About That. Hij wordt uiteraard bijgestaan door vaste krachten Rocky Athas (leadgitaar), Greg Azab (bas en percussie) en Jay Davenport (drums en percussie). De basis voor het album werd in slechts drie dagen opgenomen en vervolgens had men nog drie dagen nodig voor de blazers en de overdubs. De bucketlist van Joe Walsh is ook korter geworden. Hij wilde al heel lang graag een keer samenwerken met John Mayall. Het klikte enorm tussen de heren, wellicht dat er in de toekomst vaker samengewerkt gaat worden. Walsh is terug te horen op The Devil Must Be Laughing en Cards on the Table. De invloed van de heerlijke muziek uit Louisiana horen we terug in Give Some of That Gumbo, wat verfraaid wordt door blazers en fantastisch gitaarspel. In de cover van Goin’ Away Baby laat Mayall horen dat hij het mondharmonica spelen nog niet verleerd is. In It’s Hard Going Up van soulzangeres Bettye Crutcher, de enige andere cover, blijft het soulvolle karakter van het origineel bewaard. Met Talk About That voegt Mayall wederom een uitstekend album toe aan zijn uitgebreide oeuvre.  11 februari start een zeer uitgebreide Europese tournee, want Mayall is terecht nog steeds uitermate populair. Zelfs landen als Polen en Tsjechië zullen worden aangedaan. Nederland en België komen er karig vanaf. Op 31 maart is hij te zien in de Patronaat in Haarlem en op 2 april in Ancienne Belgique in Brussel.
Theo Volk
Releasedatum: 27 januari 2017 Forty Below
Website: http://www.johnmayall.com/

Replay: Grey De Lisle – Homewrecker


Vorige week vertelde iemand me, dat hij zojuist een geweldige muzikale ontdekking had gedaan, namelijk Graceful Ghost van Grey De Lisle. Voor mij aanleiding om weer eens haar album Homewrecker uit 2002 uit de mottenballen te halen. Grey werd door haar vader aangegeven op 24 augustus 1973 in Fort Ord, Californië als Aron Grey van Oosbree. Haar vader had Amsterdams bloed door zijn aderen stromen. Hij was degene die in haar jeugd vaak treurige folkliedjes uit de Appalachen voor haar zong, waar ze nooit genoeg van kreeg. Het is dus niet vreemd dat ze in de rootsmuziek terecht kwam. Haar artiestennaam was de erfenis die ze overhield aan haar rampzalige eerste huwelijk. Ze was slechts negentien toen ze trouwde, het huwelijk duurde maar zes maanden. Daarna zou ze in het huwelijk treden met Murry Hammond (The Old 97’s). Dat gebeurde overigens niet zo overhaast. Ze waren eerst gewoon vrienden en na zo’n tien jaar sloeg de vonk pas echt over. Hoe ik haar ontdekt heb weet ik niet meer, hoogstwaarschijnlijk heb ik het album gekocht bij Joop van Gool van Roots Mail Music. Zonder enige twijfel is haar geweldige stem haar grote wapen. Ze kan hiermee de luisteraar diep raken. Direct bij opener Borrowed and Blue neemt ze je in de houdgreep, aftikken helpt niet, want ze laat niet meer los. De eerste van twee covers op het album is Usted van Gabriel Ruiz en Jose Antonio Zorilla. De luisteraar wordt hartstochtelijk in het Mexicaans toegezongen. Ik versta geen Spaans maar de strekking van het lied is volstrekt duidelijk. Zeker als ze je na afloop toespreekt met de woorden : “I would even give my life to overcome this fear of kissing you”. Een van de hoogtepunten vind ik Beautiful Mistake wat heel diep binnenkomt, met name door de bijzonder fraaie pedal steel bijdrage van topmuzikant Greg Leisz.  Het titelnummer Homewrecker is heerlijke rockabilly en een afrekening met haar eerste huwelijk. Een glansrol is hier weggelegd op piano voor Benmont Tench (Tom Petty & The Heartbreakers).  Hij bracht trouwens ruim twee jaar geleden het fraaie You Should Be So Lucky uit, wat helaas totaal onopgemerkt bleef. In Dead Cat weet ze haar verleidelijke stem in diverse bochten te wringen. Het nummer kent een bijzonder spannende opbouw, de toetsenbijdrage, wah-wah gitaar en strijkersarrangement zijn subliem. Samen met echtgenoot Hammond schreef ze Showgirl (I’m Sorry). Ze zingen hier samen een prachtig duet. Ook hier schittert de pedal steel van Leisz weer. Een van mijn grote favorieten is Frozen in Time, vooral door de onderhuidse spanning en vanwege de lekkere gitaarpartijen en orgeltje. Het minst spreekt mij persoonlijk The Hole aan, maar het is zeker geen zwak nummer. De tweede cover is ‘Twas Her Hunger wat eigenlijk ‘Twas Her Hunger Brought Me Down heet, een nummer van Anni Celsi, zeer smartelijk gezongen door haar. Lest best. Vanaf de eerste keer dat ik het album hoorde is Ferris Wheels and Freakshows mijn favoriete song. Vooral door het aparte ritme en de vervreemdende werking die de gebruikte geluidscollages hebben. Een zeer grote rol speelde producer Marvin Etzioni. Hij schreef een aantal van de songs samen met Grey en speelde mee op een aantal songs. Door dit album vergaarde Grey de nodige bekendheid in Nederland. Ze was in 2003 te zien op het TakeRoot Festival, dat toentertijd nog gehouden werd in evenementencentrum De Smelt in Assen. Dat jaar deelde ze het podium met klasbakken als  Vic Chessnutt, Jon Dee Graham, Dayna Kurtz, David Olney, The Walkabouts, Jennie Stearns, Mia Doi Todd en onze eigen Stuurbaard Bakkebaard. Vanaf 2000 tot 2005 bracht Grey vijf prachtplaten uit en verdween daarna van de radar. Waarschijnlijk heeft ze definitief gekozen om het beroep van stemactrice te blijven beoefenen of was er misschien een dispuut met de platenmaatschappij?! Wat de reden ook mag zijn, het is een zeer groot verlies voor het alt countrygenre.        
Theo Volk

Citizen K – Second Thoughts



Klas Qvist gebruikt als artiestennaam Citizen K, wat mij een verwijzing lijkt naar Citizen Kane, door veel filmcritici beschouwd als de beste film ooit gemaakt, omdat deze in vele opzichten vernieuwend was. Overigens associeerde ik zijn artiestennaam ook direct met Steely Dan, vanwege de verzamelbox Citizen, die ik van die groep bezit. In het summiere persbericht wat met de cd meegestuurd werd, wordt zijn muziek omschreven als psychedelische folkprog. Naast folk- en rock-, zitten er ook duidelijke, popinvloeden in zijn muziek. Hij vist duidelijk in dezelfde vijver als zijn landgenoot Ebbot Lundberg, wiens fraaie cd For the Ages to Come ik in november recenseerde. Beiden zijn in staat vocaal flink uit te pakken, wat Klas een keer doet in Song of Adjustment. De belangrijkste invloed in zijn muziek is The White Album van The Beatles. Een album waarmee ikzelf een haat-liefdeverhouding heb. Vooral in de koortjes hoor je de invloed uit de late jaren zestig terug. Het rocknummer Hang On to Your Sanity is beïnvloed door The Rolling Stones. Het is duidelijk dat de muziek uit die tijd in zijn genen zit. Klas valt in zijn songs vooral op door zijn fraaie toetsenbijdragen op diverse instrumenten. Bijzonder fraai zijn de vier, sobere miniatuurtjes. Op drie ervan is alleen Klas te horen. Samen met partner Annika zingt hij het nostalgische Train of No Forgiveness, een van de hoogtepunten. Een ander fraai duet zingt Klas met Joanna Lillvik in So This Is Life (I Don’t Know). Zij brengt overigens op dezelfde datum als Second Thoughts een EP uit. Ook is Klas in staat om catchy songs te schrijven, luister maar eens naar het memorabele refrein van She Will Probably Tell You. Het langste nummer Wasps & Cars klokt meer dan negen minuten en is het meest experimentele nummer. Het fraaie In Holland en Dutch Coffee geven het album een Nederlands tintje. Van deze dubbelcd bevalt me de eerste het beste. De opnames voor het album werden gemaakt tussen 2009 en medio 2016 op diverse locaties in Zweden, waaronder de woonkamer van Klas. Second Thoughts laat een singer-songwriter horen, die vooral beïnvloed is door de pop, rock en folkmuziek uit de late jaren zestig.         
Theo Volk
Releasedatum: 27 januari 2017 Paraply Records / Hemifrån

Website: https://myspace.com/citizenksweden

John Cee Stannard - To the River


In eerste instantie had ik deze cd links laten liggen door de wat potsierlijke hoes. Ook de foto van John op zijn website met cowboyhoed en kapsel, waarmee hij uit de jaren zestig lijkt te zijn weggelopen, zette me ook niet bepaald aan tot luisteren. Totdat ik in de gaten kreeg dat hij de John Stannard was die in 1968 de medeoprichter was van Tudor Lodge. Deze groep maakte fraaie, nu enigszins gedateerde, pastorale folk. Hun debuutalbum werd een klassieker, waarop ook folk legendes Danny Thompson en Terry Cox te horen zijn. Ook Linda Thompson maakte korte tijd deel uit van Tudor Lodge. Stannard is naast muzikant en songwriter ook nog schrijver, acteur en radiopresentator. Tegenwoordig tapt Stannard meer uit het bluesvaatje. Veelal zijn de songs uptempo. Tekstueel is hij duidelijk meer het type van halfvol en niet iemand die bij de pakken neer gaat zitten. Dit blijkt al uit de volgende regels in opener Do It All Over Again:
“When I concentrate on what I see,
It seems that everyone is better off than me,   
But at least I ain’t dead,
I guess I’ll concentrate on that instead”
De meeste van zijn songs zijn erg catchy. Uiteraard wordt hij hier onder anderen bijgestaan door zijn vaste begeleiders de Blues Horizon, bestaande uit Mike Baker (gitaar) en Howard Bitchmore (mondharmonie). Met name Bitchmore is nadrukkelijk aanwezig. Twee songs hebben duidelijk een gospel touch gekregen. In een ervan zingt hij een bijzonder fraai duet met Julia Titus, die hier schittert. Naast tien eigen songs zijn er covers te vinden van Winin’ Boy Blues van jazzcomponist en –pianist Jelly Roll Morton. De traditional House of the Rising Sun trekt hij volkomen, en op originele wijze, naar zich toe. To the River mag dan geen urgent of echt vernieuwend album zijn, maar het enthousiasme waarmee Stannard zijn liedjes zingt, maken het luisteren zeer aangenaam.  
Theo Volk
Releasedatum: 27 januari 2017 Cast Iron Music
Website: http://www.johnceestannard.co.uk/

Maggie Roche, 26 oktober 1951 – 21 januari 2017

The Roches 30 mei 1980 in het Waagthater, met in het midden Maggie. Foto Rob Verhorst.

Wellicht had ik nooit de muziek van The Roches ontdekt, als Robert Fripp niet de producer van hun klassieke debuutalbum was geweest. In die tijd las ik braaf iedere veertien dagen alle recensies in Muziekkrant Oor van coryfeeën als Bert van de Kamp. Mijn interesse werd dus gewekt door de in de recensie van Oor  vermeldde naam van Robert Fripp, een van mij toenmalige helden uit de progressieve rock. Vlak voor het verschijnen van het Roches album was zijn fraaie soloalbum Exposure uitgekomen. Wat mij vooral zo aantrok in het debuutalbum van The Roches, die overigens Ierse roots hebben, was de combinatie van erg humoristische songs als Mr. Sellack en daar tegenover de meer serieuzere. De meeste van de prachtsongs op dat debuut waren van de hand van Maggie. Zij was duidelijk de meest begaafde songschrijfster van de drie. The Married Men, Quitting Time en Pretty & High waren de hoogtepunten voor mij op hun debuut, alle drie van de hand van Maggie. Ook mijn zus was erg gecharmeerd van hun muziek en toen de aankondiging in 1980 kwam van hun komst naar Nederland waren de kaarten snel gekocht. Dat allereerste optreden wat The Roches in Nederland gaven staat me nog goed voor de geest. Het vond plaats op vrijdag 30 mei 1980 op een prachtige, zonnige dag. Bij dat optreden in het Waagtheater was een overvloed aan pers aanwezig, waaronder uiteraard Oor. De prettig gestoorde Suzzy trok de meeste aandacht. Maggie met haar kenmerkende, wat zwaardere stem, bleef meer bescheiden op de achtergrond. Uiteraard bleef ik de groep volgen. Ook ontdekte ik bijvoorbeeld het bijzonder fraaie album Seductive Reasoning uit 1975 van Maggie en Terre Roche. Minder bekend dan het klassieke debuut van The Roches, maar voor mij minstens zo fraai. Het werd geproduceerd door Paul Simon en zijn invloed is duidelijk aanwezig. Twee jaar voor Seductive Reasoning hadden de drie zussen de achtergrondvocalen ingezongen voor Paul Simon’s album  There Goes Rhymin’ Simon. Ze brachten na hun klassieke debuut nog, met wisselend succes, negen albums uit met als mooi slotakkoord Moonswept. Al die jaren behielden ze een schare van trouwe fans, waarvan ik er een ben. Maggie, RIP.    
Theo Volk

Nadia Reid - Preservation


Onlangs was bij de publieke omroep een interessante natuurdocumentaire te zien over Nieuw-Zeeland. Het land bezit een enorme rijkdom aan alleen daar voorkomende planten en dieren. Het enige land ter wereld waar je papegaaien in de sneeuw kunt zien liggen rollebollen. Ook enig in haar soort is de Nieuw-Zeelandse nachtegaal Nadia Reid. De combinatie van haar opvallende frasering, haar timbre en het gemak waarmee zij zingt zijn speciaal. Haar debuut Listen to Formation, Look for the Signs  verscheen eind 2015 en werd unaniem lovend ontvangen door de internationale pers, door mij incluis. Het was voor mij toen wel even wennen aan haar bijzondere frasering. Het album belandde uiteindelijk in mijn top tien van dat jaar. Haar tweede album Preservation geeft een openhartige blik in het gevoelsleven van Nadia. Zelf zegt ze over de nieuwe songs het volgende :  Preservation is about the point I started to love myself again. It is about strength, observation and sobriety. It’s about when I could see the future again. When the world was good again. When music was realised as my longest standing comfort.”. Muzikaal gezien ligt het repertoire op de nieuwe cd in het verlengde van het debuut. Zij het dat de songs me deze keer sneller wisten te overtuigen. Haar zang vind ik hier nog net iets meer op de voorgrond treden. Bovendien is ze gegroeid als songschrijver. Degenen, die haar debuut al kennen en mooi vinden, gaan Preservation ongetwijfeld opnieuw omarmen. De overige lezers hebben intussen eventueel de tijd om alvast tot de datum van de release van Preservation het debuut te gaan ontdekken. De reden van mijn vroege recensie is het feit dat Nadia in februari een drietal optredens gaat geven in Nederland en België. Het jaar is nog geen maand oud, maar Preservation staat al met stip genoteerd voor mijn eindlijstje van 2017.    
Theo Volk
Releasedatum: 3 maart 2017 Basin Rock
Websites: http://nadiareid.com/ en https://nadiareid.bandcamp.com/

NADIA REID LIVE:
17/02 ROTTERDAM: V11
18/02 UTRECHT: Club Nine @ Tivoli Vredenburg
19/02 BRUSSEL: Botanique (Witloof Bar)




Geir Sundstøl - Langen Ro


Na zevenentwintig  jaar de meest gevraagde sessiemuzikant van Noorwegen te zijn geweest, waagde Geir Sundstøl alsnog de grote stap naar een solocarrière. Hij was op dat moment reeds op meer dan tweehonderdenzestig albums van de meest uiteenlopende genres te beluisteren. Zijn debuutalbum Furulund uit 2015 was direct een succes. Naast uiterst lovende kritieken ontving hij ervoor een nominatie van de Noorse variant op de Grammy, de Spellemanspris. Ook zijn tweede cd Langen Ro verschijnt weer op het Hubro-label. Een label dat niet op zoek is naar goed verkopende artiesten, maar naar artiesten, die vernieuwend zijn. Veelal levert dat muziek op, waar je erg veel in moet investeren om ze te kunnen te doorgronden. Voor Langen Ro gaat dat volgens mij niet op. Direct vanaf de eerste beluistering komen de stukken binnen. Dat komt met name door het fraaie, vaak Cooderiaanse gitaarspel. Regelmatig hebben de stukken een filmisch karakter, soms neigt het ook enigszins naar ambient, zonder dat het muzak wordt. Dat wordt voorkomen door de fraaie accenten die zijn begeleiders de stukken meegeven. In opener Langen Ro wordt Sundstøl begeleid door vier andere muzikanten, die een prachtig, zeer rustgevend, hier en daar repeterend klankentapijt creëren. Ze doen dit door gebruik te maken van maar liefst achttien verschillende instrumenten. Ook in de afsluiter Bek wordt er eveneens van dit aantal instrumenten gebruik gemaakt, maar hier bespeeld door slechts vier muzikanten. Uncut omschreef het album als “Divine, desert-blues instrumentals from Norway”. Deze omschrijving vind ik alleen echt van toepassing op Gratarslaget. Naast eigen composities is er een interpretatie te vinden van Tony’s Theme geschreven door Giorgio Moroder, de bekende Italiaanse componist uit het discotijdperk. Tony’s Theme was onderdeel van de soundtrack voor de bekende film Scarface. Opvallend is dat Sundstøl hier geen gebruik maakt van synthesizers, waardoor de compositie een heel ander karakter krijgt. Door het grote arsenaal aan instrumenten valt er iedere beluistering weer nieuwe details te ontdekken. Daarnaast is Sundstøl een buitengewoon ervaren muzikant, die met name op de snaren excelleert, waaronder de Shankargitaar die sommige songs een aparte sfeer geven. Langen Ro is voor mij een bijzonder fraaie luistertrip, die ik zeker nog vaak zal gaan ondernemen.      
Theo Volk
Releasedatum: 20 januari 2017 Hubro / PIAS
Website: http://www.geirsundstoel.com/


Miss Tess - Baby, We All Know


Met een tevreden en zelfverzekerde blik kijkt mejuffrouw Tess Reitz in de lens van de camera op de hoes van haar nieuwste album Baby, We All Know. Zelfverzekerd kan ze met recht zijn, want deze dame kan echt zingen, dat hoor je al na een paar noten. En tevreden mag ze alleszins zijn over wat haar nieuwe album te bieden heeft. De loftuitingen waren in Amerika al niet van de lucht, want daar verscheen het album al in juli vorig jaar. Overigens is ze geen bekende naam in Europa, ondanks het feit dat haar debuutalbum Home reeds in 2005 verscheen en ze sindsdien een aantal prachtalbums uitgaf. Ze brengt haar albums in eigen beheer uit en heeft dus niet de beschikking over een professioneel promotieteam. Op eerdere albums was er ook ruimte voor jazz. Op haar nieuwste horen we heerlijke, ouderwetse rock ‘n’ roll, klassieke rhythm & blues, swamp pop en klassieke country & western. Ze wordt op de liedjes onder anderen bijgestaan door haar topband The Talkbacks. De stemming zit er direct in vanaf de vrolijke opener Ride That Train. Vrolijk zonder dat het oubollig wordt. De zelfgeschreven liedjes hebben duidelijk een eigen signatuur, alhoewel sommige ook door iemand als Eleni Mandell geschreven hadden kunnen zijn. Soms krijgen de begeleiders de gelegenheid op de voorgrond te treden, zoals de scheurende sax van Stefan Zeniuk in I Can’t Help Myself. Do You Want My Love krijg ik trouwens al dagen niet meer uit mijn hoofd, de regel “Do You Want My Love” spookt daar al dagen rond. Baby, We All Know is een feelgood album van de eerste orde.     
Theo Volk
Europese releasedatum: 3 februari 2017 Rights Records
CDBaby: http://www.cdbaby.com/cd/misstess7
Hemifran : http://www.hemifran.com/

Christian Wallumrød Ensemble - Kurzsam And Fulger


De Noor Christian Wallumrød heeft in zijn geboorteland een grote reputatie opgebouwd als pianist en componist. Met zijn ensemble bracht hij van 2001 tot 2012 platen uit op het bekende ECM-label. De laatste jaren gebeurt dat echter op het Hubro-label. Hij treedt ook regelmatig solo op en werkt hij geregeld samen met andere artiesten van diverse pluimage zoals Susanne Sundfør, Nils Petter Molvær, Ricardo Villalobos & Max Loderbauer, Karl Seglem, Jan Bang, DJ Strangefruit, Oslo Sinfonietta en Kim Myhr.  Wat hem zo boeiend maakt is dat zijn repertoire aan verandering onderhevig is. Never a dull moment. Zijn nieuwste schijf Kurzsam And Fulger is misschien wel zijn meeste experimentele schijf tot nu toe. Getracht wordt bij de luisteraar een meditatieve toestand te verwezenlijken. Dat gebeurt trouwens nog niet in opener Haksong, wat vergeleken bij de rest van de stukken een hapklare blok blijkt te zijn. Het is voorzien van een aanstekelijk ritme, waar overheen andere instrumenten onderling een soort vraag en antwoord spel lijken te bezigen. Overigens stond het ook al op voorganger Pianokammer. Na deze opener wordt er duidelijk meer gevraagd van de luisteraar. Gekozen is voor een less is more benadering. Vooral traag voortslepende stukken, waarbij de stilte tussen de noten, net zo belangrijk is als de noten zelf. Misschien hier en daar nog wel belangrijker. Het principe waarmee een componist als Erik Satie bekend is geworden. Voor wie rustig de tijd neemt voor deze muziek, valt er veel te ontdekken. Voor wie, net als ik niet zoveel naar jazz luistert, kan het zelfs louterend werken.       
Theo Volk
Releasedatum: 20 januari 2017 Hubro
Website: http://www.christianwallumrod.com/



Giant Rooks - New Estate


De afgelopen week was zoals vanouds in Groningen het Eurosonic festival. Veelal treden hier aanstormende jonge talenten uit binnen- en buitenland op. 12 januari was hier ook het jonge Duitse kwintet Giant Rooks te bewonderen. Ze komen uit het kleine plaatsje Hamm, dat niet ver van Dortmund vandaan ligt. De groep bestaat sinds 2014 en heeft in de korte tijd van hun bestaan een geduchte livereputatie opgebouwd. In 2015 verscheen hun eerste EP The Times Are Bursting the Lines. De meeste bandleden zaten toen nog gewoon op school. Ze noemen hun muziek indie art-pop. Een pakkende mix van indie rock, folk en elektronica, tegelijkertijd melancholisch en dansbaar. Haldern Pop Recordings grossiert in kwaliteitsacts. Onder anderen Chris Pureka en The Slow Show vinden er ook onderdak en Giant Rooks misstaat allerminst hiertussen. De groepsnaam werd spontaan gekozen omdat die gewoon lekker klinkt en verschillende betekenissen kan hebben. Ze luisteren natuurlijk vooral naar moderne muziek, maar zijn toch ook bekend met het werk van iemand als Bob Dylan en Pink Floyd. Zanger Frederik Rabe heeft een krachtige stem met een lekker licht hees randje. De groep bruist op deze EP van de energie en zoals al aangegeven is de muziek erg dansbaar. De aanstekelijke opener New Estate verscheen terecht al op single. Terecht, omdat het nummer na een keer luisteren in je geheugen gebeiteld staat, bovendien is het uitermate geschikt om op de radio gedraaid te worden. Het liedje zit vol inventieve wendingen en tempowisselingen. De ritmesectie is buitengewoon gedreven, bovendien is de zang zeer passioneel. De jongemannen beheersen hun instrument al tot in de puntjes. Het meer ingetogen Bright Lies vind ik de meest fraaie song van de EP. Hier wordt ene Ophelia en de woestijn bezongen. Wie de hoes goed bestudeerd heeft zal onder anderen twee gezichten, een aantal cactussen en de maan herkennen. Maar ook de overige drie songs zijn bijzonder fraai.  New Estate is een mooie staalkaart van hun mogelijkheden tot nu toe. Voor mij is het zonneklaar dat voor dit vijftal een internationale carrière in het verschiet ligt.      
Theo Volk
Releasedatum: 20 januari 2017 Haldern Pop Recordings
Website: http://www.giant-rooks.com/

Picidae - It's Another Wor d.


Picidae is de wetenschappelijke verzamelnaam voor alle bestaande spechtensoorten, maar ook de naam van een uniek Noorse duo.  Sigrun Tara Øverland en Eirik Dørsdal treden al sinds 2005 samen op. Ze leerden elkaar kennen op de Kristiansand kulturskole. Eirik doorliep daarnaast nog meer muziekscholen, waarbij hij zich toelegde op de richtingen jazz en vrije improvisatie. Hij speelt naast in Picidae ook nog in het Zwitsers/Scandinavische Augur Ensemble. Tara speelde onder anderen in Kaada en heeft nu een eigen project onder haar naam Tara, waarvoor ze muziek voor film, tv en theater maakt.  In haar jeugd luisterde ze naar folk, progressieve rock, renaissance muziek, barok en Chileense muziek. De laatste opmerkelijke voorkeur kwam doordat haar beide ouders in een Chileense band speelden. De muziek voor Picidae wordt door Tara geschreven, die men daarna gezamenlijk arrangeert. Ondanks dat ze zolang bestaan brachten ze tot nu toe slechts een EP uit, die in 2008 op de markt kwam. De songs voor It’s Another Wor d. hebben dus lang kunnen rijpen en net als met goede wijn wordt het resultaat dan beter. Overigens verscheen de cd in een iets minder opvallende, maar ook mooie hoes  reeds eind 2015 in Japan, vanwege hun tour daar. De nieuwe hoes werd gemaakt door Oda Valle. De titel stond al heel lang vast. Voor hun eerste tour naar Japan vlogen ze low budget met de Russische vliegmaatschappij Aeroflot. Tijdens hun lange tussenstop op het vliegveld van Moskou zagen ze overal de slogan “It’s another world.” hangen. Op diverse plaatsen hadden blijkbaar mensen een letter verwijderd. De laatste die ze tegenkwamen, daarop was de letter l verwijderd. Ze vonden dat zo grappig, dat ze toen besloten, mocht er ooit een album komen, het die titel zou worden. Zelf vind ik de titel ook goed gekozen, maar dan om de reden, dat ik het gevoel heb dat ik in een ongekende muziekwereld terecht ben gekomen. De toveringrediënten van deze muziek zijn vooral het fluwelen trompetspel van Eirik en de verleidelijke zang met opvallende frasering van Tara. Ze gebruiken een inventieve combinatie van elektronica, gitaren, maar ook mindere gebruikelijke instrumenten als lier, autoharp en  het Japanse instrument taishögoto. Ze kreeg het laatste instrument overigens van een familielid, die ooit in Japan leefde. Naast de nodige ingetogen stukken, wordt er een aantal opgesierd met bijzondere ritmes, zoals Emmett Hill Meadows en Laponia Insulae. Tara zingt gelukkig in het Engels. Een bezoeker van een van hun concerten omschreef ooit kort en bondig waar haar liedjes over gaan : “Je schrijft over intermenselijke relaties en de natuur”.  Naast viermaal een tour door Japan, traden ze ook op in Noorwegen, Zweden en Italië. Dat gebeurde op festivals en in clubs, maar ook in mausolea, galeries, oude fabrieken en bunkers. Wanneer zal dit Noorse duo in Nederland te aanschouwen zijn? Hopelijk snel! Het album is reeds te koop via Itunes en import, echter met een onzekere levertijd. De Nederlandse releasedatum is 10 februari.  It’s Another Wor d. is muziek met geheel eigen signatuur en daarnaast zwaar verslavend, wat kan een luisteraar nog meer wensen?   
Theo Volk
Releasedatum: 10 februari 2017 NORCD
Facebook : https://www.facebook.com/picidae.norway/?fref=ts

Mark Eitzel - Hey Mr Ferryman


The Guardian noemde hem ooit America’s Greatest Living Lyricist. En voor die bewering is een hoop te zeggen. Hij maakte met American Music Club negen albums en daarnaast ook nog eens meer dan tien soloalbums. Vanaf California maakte deze groep een viertal fantastische albums met als hoogtepunt de cd Everclear. Hij schrijft teksten die regelmatig op meerdere manieren zijn uit te leggen. Lees voor de aardigheid eens de discussie op het populaire muziekforum MusicMeter bij het album California. Helaas heeft American Music Club nooit de status bereikt, die deze groep absoluut verdiende. Ook met zijn soloalbums bereikte hij nooit het grote publiek, zelfs het fantastische Don’t Be a Stranger vijf jaar geleden werd bijna volledig genegeerd. Daar konden uiterst lovende recensies in Popmagazine Heaven en op het populaire blog Krenten uit de pop weinig aan veranderen. Net als Erwin Zijleman schaar ik Mark Eitzel onder de belangrijkste muzikanten van de afgelopen decennia. Aan de stem  van Mark kan het zeker niet liggen, want die is bijzonder aangenaam. Hey Mr Ferryman opent met het zeer goed in het gehoor liggende The Last Ten Years. Aan dit nummer is de titel van het album ontleend. Een andere song die ook direct bij de eerste beluistering blijft hangen is La Llorona, met een glansrol op gitaar voor Bernard Butler (Suede). Butler is tevens producer en speelt ook nog bas, piano, percussie en drums. Voor de overige, over het algemeen meer ingetogen songs zal de luisteraar wat meer moeite moeten doen. Maar de songs kruipen al zeer snel onder de huid. Ook tekstueel valt er weer veel te ontdekken, zoals bijvoorbeeld in  Mr Humphries. Inderdaad, het gaat over de bewuste Mr Humphries uit de bekende Britse serie Are you being served. Gelukkig heeft hij in Nederland nog de nodige support, zij worden terecht genoemd bij de credits. En over Nederland gesproken, op 1 maart is Mark live te zien in Het Zonnehuis in Amsterdam. Het wordt hoog tijd dat deze man eindelijk eens de erkenning gaat krijgen, waar hij allang recht op heeft. Met Hey Mr Ferryman voegt hij weer een essentieel album toe aan zijn oeuvre.

Theo Volk

Releasedatum: 27 januari 2017 Decor





Kelly's Lot - Bittersweet


Singer songwriter Kelly Zirbes is bepaald geen groentje in de muziek. Zij is al eenentwintig jaar de frontvrouw van haar groep Kelly’s Lot. Op haar nieuwste album Bittersweet keert ze terug naar het folk rock- en rootsgenre waarmee ze ooit begon, na een lange periode waarin ze voornamelijk bluesrock maakte. Zo saai als de hoes is het repertoire op de nieuwe schijf gelukkig niet. Tekstueel draagt ze haar hart op de tong, in songs die vaak over de liefde gaan. De afsluiter Colours of december gaat echter over de zinloosheid van oorlog. In dit liedje komen de volgende regels voor:
And peace for the families that were told
Their blue stars have turned to gold
In oorlogstijd plaatsten families, die een familielid aan het front hadden een blauwe ster voor hun raam. Als deze sneuvelde werd de blauwe ster vervangen door een gouden. De titeltrack schreef ze voor alle Vietnam veteranen, die niet op juiste wijze begroet werden bij thuiskomst. In opener About Her staat een rijke jongeman voor de keuze of hij de liefde voor zijn arme vriendin van zigeunerafkomst definitief zal bezegelen. Kiest hij met het hoofd of met zijn hart, dat blijft hier open. Overigens is hier een hoofdrol weggelegd voor de heerlijke klarinet van Bill Johnston. Bijzonder indringend is Come Home, ze wordt hier alleen begeleid op gitaar. Als de regel “So come home to me” aan mij gericht zou zijn, dan was ik al onderweg. Heerlijk bluesy is Mr. Chairman, een liedje waar het spelplezier vanaf spat. Aan het einde hoor je Kelly duidelijk in de lach schieten. Ook is er ruimte voor een fraaie country song als Thorn, opgesierd met fraaie bijdrage op pedal steel. Stay Away is een aanstekelijke uptempo song, waarvan het refrein direct blijft hangen. Onvervalste rock is terug te horen in On Fire. Haar krachtige stem is uitermate geschikt voor dit soort songs. Toch hoor ik haar liever een meer ingetogen liedje zingen als Without a Song. Hier hoor je pas echt hoe fraai haar stem echt is. Ze waagt zich zelfs aan een a capella gospel song, Proud. Kelly schreef drie songs samen met Perry Robertson, die het album mede produceerde. De overige songs schreef ze zelf. Bittersweet is een proeve van bekwaamheid van een doorgewinterde muzikant.    
Theo Volk
Releasedatum: 27 januari 2017 Eigen beheer
Website: http://www.kellyslot.com/





Caoimhin Vallely - Caoimhin Vallely


Regelmatig bezoek ik de website van Folkradio UK voor de laatste stand van zaken over de Britse folk. Soms besteed men echter ook aandacht aan Ierse folk. Bij het zien van de intrigerende hoes van het tweede soloalbum van Caoimhin Vallely was mijn aandacht volledig getrokken. Het schilderij in kwestie heet Man with keyboard en werd gemaakt door Gerard Dillon en hangt in Crawford Art Gallery, Cork. Dit is ook de plaats waar Caoimhin samen met zijn vrouw Deirdre en drie zoontjes woont. Oorspronkelijk is hij afkomstig uit Armagh, Noord-Ierland. De Ierse traditionele muziek zit hem echter in zijn genen. Hij studeerde muziek aan zowel de gerenommeerde University College van Cork als de University of Limerick. Hij heeft nog twee zeer muzikale broers, fluitist Cillian en concertinaspeler Niall. Met Niall en diens vrouw Karan Casey maakt Caoimhin deel uit van de groep Buille. Karan Casey is trouwens een redelijk bekende naam in Nederland. Rein van den Berg recenseerde Two More Hours van haar voor Johnny’s Garden. Caoimhin begon zijn muzikale carrière echter als violist in de Corkse band North Gregg. Het afgelopen decennium werkte hij zowel in binnen- als buitenland met een groot aantal folkartiesten van importantie.  Om er een paar te noemen: Dónal Lunny, Mick Flannery en Nomos, waar overigens broer Niall deel van uitmaakte. Caoimhin’s solocarrière begon met Strayaway in 2005. Tot dan was de piano een vreemde eend in de bijt in de Ierse folk en eigenlijk is dat nog steeds. Gelukkig is de piano tegenwoordig terug te vinden in de geweldige muziek van The Gloaming. Het zijn vernieuwers als The Gloaming en Vallely, die de Ierse traditionele folk voldoende interessant houden. Zijn tweede soloalbum getiteld Caoimhin Vallely heeft als subtitel An Exploration of Irish Traditional Music on Piano. Het bevat 75 minuten voornamelijk instrumentale pianomuziek. Hij wordt alleen verder sporadisch bijgestaan door Brian Morrisey (percussie) en Fiona Kelleher en Karan Casey (beiden zang). Het album werd in de ochtenduren opgenomen als de kinderen naar school waren. De muziek straalt vooral relaxedheid uit, Last Night Being Windy is hier een fraai voorbeeld van. Maar niet alles is zo ingetogen en is er gelukkig genoeg variatie. Uiteraard komt er natuurlijk voornamelijk Ierse traditionele muziek voorbij. Het bekende, prachtig door Fiona Kelleher gezongen My Dear Companion heeft echter een Amerikaanse achtergrond. En zo schreef zijn goede vriend Sébastian La Grange Mon Père Vit Dans les Etoiles. 5 kwartier lijkt een lange zit, maar zo ervaar ik de cd niet. Zijn, vaak sprankelende en lichtvoetige, pianospel is erg boeiend om naar te luisteren. De klaphoes bevat veel aantekeningen over het gespeelde repertoire.  Over precies twee weken deelt hij tijdens het White Horse Winter Music Festival het podium met de geweldige, in Nederland woonachtige Ierse accordeonist Dave Munnelly. Het zou fijn zijn om Caoimhin eens live te aanschouwen in Nederland. Hij zou bijvoorbeeld niet misstaan op het podium van de Guoconcertreeks, waar sommige leden van The Gloaming hem al voorgingen. Dit album is een absolute must voor de liefhebbers van Ierse traditionele muziek, maar ook voor liefhebbers van pianomuziek in het algemeen.     
Theo Volk
Label: Crow Valley Music
Links: http://www.caoimhinvallely.ie/ en http://www.crowvalleymusic.com/


Wendy Webb - Step Out of Line


Uiteraard is het mijn eigen schuld, dat ik nog nooit eerder van deze geweldige zangeres gehoord heb.  Helaas las ik in december 2015 niet de recensie op Rootstime over de blijkbaar uitstekende voorganger This Is the Moment. Er wordt daar trouwens al gewag gemaakt van de gloednieuwe schijf Step Out of Time. Op de vorige cd wordt slechts gebruik gemaakt van drie andere muzikanten, deze nieuwe is duidelijk ambitieuzer van opzet, want deze keer doet Wendy beroep op maar liefst veertien collega’s. Op de achterzijde van het prachtige tekstboekje staat ergens in de credits de volgende regel vermeld: “To the musicians who stopped  by the house to play, your artful contributions are timeless”. En die bewering klopt als een bus. Geweldige muzikanten als Wayne Jackson (Memphis Horns), David Grissom, Mark T Jordan, Willie Weeks en Dan Dugmore verfraaien ondermeer de songs. De arrangementen van de songs zijn zonder uitzondering mooi en subtiel. Net zoals op de voorganger zijn er elementen van folk, jazz, blues en pop terug te vinden. In de titelsong mag de trompet van Wayne Jackson excelleren. In Destiny’s Muse is het de beurt aan Jim Horn om te schitteren op sax. Maar het is de zang van Wendy, die de kers op de taart is. Ze is een van de weinige zangeressen, die me echt diep weten te raken. Vooral in een liedje als Freedom, maar het meeste in Mexico. Zes van de tien songs schreef ze samen met medeproducer Mark Keller en drie alleen. De laatste drie tracks zijn het meest sober en daar komt haar stem misschien nog wel beter tot zijn recht. Slechts alleen op akoestische gitaar en bas wordt ze begeleid op In the Night. In de schitterende cover van Bob Dylan’s Girl from the North Country bestaat de begeleiding alleen uit elektrische piano en pedal steel. En misschien wel lest best, Where Are We Going Now, My Love. Meer dan cello en elektrische piano is niet nodig. De liedjes gaan over liefde, dromen, hoop, verlangen en vrijheid. Mexico en Camden Town schreef ze naar aanleiding van bezoekjes aan Mazatlan en Camden Town (VK). Helaas is dit fraaie album alleen bij haarzelf te koop of via CDBaby.      
Theo Volk
Releasedatum: 13 januari 2017 Spooky Moon Records
Website: http://wendywebbmusic.com/

CDBABY: http://www.cdbaby.com/cd/wendywebb6
Info Hemifran: http://www.hemifran.com/

Mercy John - This Ain't New York


Mercy John zag als John Verhoeven het levenslicht in het Brabantse Erp op de dag van de zwaarste sneeuwstorm ooit in Nederland, woensdag 14 februari 1979. Die dag staat me overigens nog levendig voor de geest, omdat ik ’s morgens met veel pijn en moeite als dienstplichtig soldaat op tijd de legerplaats in Ossendrecht wist te bereiken. John groeide op in een beschermd milieu. Als jongen speelde hij met zijn vriendjes vaak op de velden of was hij in het bos te vinden. Als twaalfjarige had hij reeds zijn eerste bandje, dat oefende in een van de loodsen van zijn ouders, die een boerenbedrijf hadden. John studeerde aan de Radboud universiteit. Naast muzikant is hij docent music marketing aan een hogeschool van Fontys: Fontys Academy for Creative Industries. Hij werkt voor de opleiding International Event Music & Entertainment Studies. Daar leiden ze studenten op tot managers, marketeers, communicatie professionals voor de entertainment, muziek, festival, cultuursector etc. Wat perfect te combineren is met zijn ambities als muzikant. Daarnaast schrijft hij muziek voor anderen, waaronder ook kinderliedjes. Onder de naam John Henry, een verwijzing naar zijn doopnamen, debuteerde hij met Five More Days & A Matter of Somewhere. Dit album kreeg de nodige lovende kritieken. Zo noemde Willem Jongeneelen van Oor het een dijk van een Americana album van eigen bodem. Ook werd zijn album veel gedraaid op de radio en trad hij op door het hele land. Achteraf vond hij de artiestennaam John Henry te algemeen en besloot zijn nieuwe cd This Ain’t New York uit te brengen als Mercy John. Al vooraf had ik een goed gevoel over het album, toen ik las dat het geproduceerd werd door de onvolprezen Gabriël Peeters. Hij weet altijd het beste in de muzikanten naar boven te halen, zo ook op deze schijf. De favoriete artiesten van John zijn Tom Petty, Bruce Springsteen en Ryan Adams. Bij de ijzersterke opener en titeltrack moest ik direct denken aan Jason Isbell, met name door de zang. Net als Isbell heeft John een krachtige stem, waarmee hij de songs een behoorlijk emotionele lading geeft. This Ain’t New York gaat over hard werken, doorzetten en hopen dat succes en geluk je dan uiteindelijk ten deel zal vallen. New York is gebruikt als een metafoor van een stad waarin alles succesvol lijkt te zijn. Een schril contrast met de dagelijkse gang van zaken. Hard werken, niet lullen maar poetsen zijn de dingen die in zijn genen zitten en zijn tijdens  zijn opvoeding nog eens flink ingestampt. De openingsregels van het fraaie, ingetogen Lost verraden een hoop verdriet en eenzaamheid:
“Papa was always busy
And momma never said ‘I love you’
Is there something I can do that’s right”

John vertelde me  dat het over zijn vader gaat, die boer was, altijd hard werkend, teruggetrokken leefde terwijl het leven zich aan hem voorbij trok. John heeft lang geworsteld met dat teruggetrokken bestaan. Hij had het gevoel dat hij enorm veel van de wereld niet zag. Back Home vertelt een verhaal over mensen die net als hijzelf ontzettend last van heimwee hebben. Hij heeft een ziekelijke vorm van heimwee en verlangt op zo’n moment ontzettend sterk naar huis en het vertrouwde. Echter wat erg tegenstrijdig is, is dat als hij thuis is het weg zijn (bijv. naar Amerika) enorm verheerlijkt. Een constante interne strijd dus. Door bepaalde privéomstandigheden heeft  hij een tijdlang problemen gehad in de omgang met onbekende mensen. Het leidde zelfs tot plotselinge angsten op ongewone momenten. Hij heeft dit verwoord in Strangers. Gelukkig is het niet alleen maar kommer en kwel, want Endless Summer is een liefdesliedje. Over de ontluikende liefde op een zwoele zomeravond op een zelfgemaakte schommelbank in het schemerlicht. De officiële album presentatie is 12 februari in W2, Den Bosch, die deel uitmaakt van een toer. Sommige optredens zijn als support act van JW Roy. This Ain’t New York is een prachtig Americana album met liedjes die een eerlijk inkijkje geven in de diepere zielenroerselen van de maker.
Theo Volk
Label: Butler Records
Releasedatum: 3 februari 2017
Links: https://www.mercyjohn.com/

Mercy John live:
21-1 HILVARENBEEK: Het Podium
28-1 VALKENSWAARD: Café De Fantast
3-2 EINDHOVEN: Effenaar
5-2 ZWOLLE: Hedon
11-2 DORDRECHT: Bibelot
12-2 DEN BOSCH: W2, Officiële album presentatie
17-2 OSS: Groene Engel
18-2 UTRECHT: Tivoli de Helling
3-3 VLAARDINGEN: Kroepoekfabriek
5-3 BREDA: Mezz
19-3 WEERT: De Bosuil
26-3 HELMOND: De Cacaofabriek
1-4 HARDENBERG: Deel 2
9-4 HOORN: A Small Town Music Walk Festival

Matt Haeck - Late Bloomer


“My name is Matt Haeck, and I am a late bloomer” is de enige, summiere informatie die de binnenhoes vermeldt. Zelfs de credits ontbreken, op de vermelding van producer David Mayfield na. Gelukkig bood het internet uitkomst. Hij werd geboren op Barbados als zoon van een missionarisechtpaar. De eerste muziek waarmee hij in aanraking kwam waren kerkelijke gezangen. Aanvankelijk wilde Haeck pastor worden, maar besloot uiteindelijk toch voor de muziek te kiezen. Helaas raakte hij verslaafd aan pillen, cocaïne en alcohol. Het zou vier jaar duren, voordat hij weerstand kon bieden aan zijn verslavingen. Hij verhuisde naar Indianapolis en begon yoga te praktiseren. In diezelfde periode zou hij ook beginnen te schrijven aan de songs voor Late Bloomer. Veel van die liedjes hebben niet de meest prettige onderwerpen : echtscheiding, depressies, demonen en zonden. Een aantal ervan gaan over hemzelf, maar sommige zijn ook fictief. Gelukkig is de muziek niet zo bedrukt, behoorlijk uitbundig zelfs is 28 years. Een zeer aanstekelijke liedje, waarin hoofdrollen zijn weggelegd voor dobro, fiddle en accordeon. Haeck wordt omringd door uitstekende muzikanten zoals Paul Defiglia (The Avett Brothers) en Aaron Lee Tasjan. Van laatstgenoemde recenseerde Rein van den Berg onlangs de voortreffelijke cd Silver Tears. Haeck zingt een fraai duet in Cotton Dress met de geweldige zangeres Caitlin Rose. Ook Haeck is een begenadigd zanger, die met opvallend gemak zingt. Vooral in de meer ingetogen liedjes komt zijn fraaie warme stem erg goed tot zijn recht. Misschien wel het mooiste nummer is het liefdesliedje Lovin’ Off My Mind, wat ondanks alleen zang en akoestische gitaar veel indruk maakt. Niet alle liedjes schreef hijzelf, Belt werd geschreven door Ben Douglas. Ook is er nog een cover te vinden van Ramlin’ Man van Hank Williams. Dit debuutalbum verscheen al juni vorig jaar in Amerika en kreeg onder anderen een zeer lovende recensie van No Depression. Volgens mij terecht dat 3 maart een Nederlandse release volgt. Het zou mooi zijn als hij binnenkort naar Nederland zou komen voor concerten, want hij behoort tot de beste zangers in zijn genre.       
Theo Volk

Releasedatum: 3 maart 2017 Blaster Records
Website: http://www.matthaeck.com/